Gebruik altijd een reststuk van hetzelfde materiaal als voor de uiteindelijke opdracht. Selecteer vervolgens de testfunctie van uw snijplotter. De machine snijdt meestal een kleine vorm, bijvoorbeeld een vierkant met een cirkel of driehoek.
Pel de binnenste vorm voorzichtig los en controleer het resultaat.
Een goede testsnede voldoet aan drie voorwaarden:
- De binnenste vorm komt gemakkelijk los.
- De omliggende folie blijft netjes op het materiaal zitten.
- In het materiaal is alleen een lichte snijlijn zichtbaar.
De folie wordt niet volledig doorgesneden
Blijven delen van de testvorm vastzitten? Verhoog de snijdruk dan in kleine stappen en voer opnieuw een testsnede uit.
Controleer ook of het mes scherp en schoon is. Draai het mes alleen iets verder uit de houder wanneer een aangepaste snijdruk onvoldoende resultaat geeft.
Het materiaal wordt doorgesneden
Snijdt het mes diep in of volledig door het materiaal? Verlaag dan de snijdruk. Controleer daarnaast of het mes niet te ver uit de meshouder steekt.
Gebruik niet meer druk dan nodig. Een te hoge snijdruk zorgt voor extra slijtage van het plottermes en kan de snijstrip beschadigen.
De hoeken zijn niet netjes
Zijn de hoeken rond, vervormd of voorzien van kleine uitstekende puntjes? Controleer dan de mesoffset. Bij kleine letters en fijne details kan het ook helpen om de snijsnelheid te verlagen.
Pas één instelling tegelijk aan
Verander tijdens het testen steeds maar één instelling. Pas bijvoorbeeld eerst de snijdruk aan en voer daarna opnieuw een test uit. Zo ziet u precies welke aanpassing het resultaat verbetert.
Heeft u de juiste instellingen gevonden? Noteer dan het materiaal, het gebruikte mes, de snijdruk, de snelheid en de mesoffset. Zo kunt u deze instellingen bij een volgende opdracht opnieuw gebruiken.
Een korte testsnede kost weinig tijd en voorkomt veel problemen. Start daarom nooit direct met een grote snijopdracht wanneer u nieuw materiaal of andere instellingen gebruikt.